Academie voor Beeldende Kunsten Mol

Kunst nieuws

Waarom bedelen kinderen om snoep met Sint Maarten?

Kunst nieuws - zo, 11/11/2018 - 10:00

In delen van Nederland gaan vanavond kinderen weer met lampionnen de straat op om Sint Maarten te vieren. De traditie van het Sint Maartensfeest gaat eeuwen terug en herdenkt een Franse katholieke heilige. Wie was Sint Maarten? En waarom vragen kinderen om snoep op 11 november?

Sint Maarten was een Franse heilige die leefde in de vierde eeuw (Saint Martin van Tours). Maarten was soldaat in het Romeinse leger in de tijd dat het Christendom net was geaccepteerd als godsdienst binnen het Romeinse rijk. Hoewel keizer Constantijn bekeerd was tot de katholieke kerk en er steeds meer kerken werden gebouwd, waren christenen binnen het Romeinse rijk slechts een minderheid. Sint Maarten hielp mee om het christendom over Frankrijk te verspreiden.

Sint Maarten en de Bedelaar
Op 19-jarige leeftijd kwam Maarten bij de stadspoort van Amiens een bedelaar tegen. Om de arme man te helpen sneed Maarten zijn mantel in tweeën en gaf de bedelaar een helft. In de kunst is dit verhaal wijdverspreid. Op schilderijen zie je Sint Maarten meestal in een harnas, terwijl hij een doek in tweeën klieft met zijn zwaard.

In de loop van zijn leven reisde Sint Maarten op en neer tussen Italië en Frankrijk en bekeerde hij grote groepen mensen tot het Christendom. In Tours wilden ze hem daarom tot bisschop verheffen. Toen Maarten dit hoorde, verstopte hij zich in een hok met ganzen zodat ze hem niet konden vinden. Maar de ganzen begonnen zo te kwaken dat hij snel gevonden werd. Hierdoor wordt Sint Maarten soms afgebeeld met een gans.

Legende van St Maarten – Kathedraal van Chartres

Bedelfeesten
Sint Maarten was eeuwenlang vooral een feest voor de armen. Het was in de winter moeilijker om aan eten te komen en daarom had de katholieke kerk meerdere feesten ingesteld waarop aandacht voor de armen werd gevraagd. Tijdens deze zogenaamde ‘bedelfeesten’ kregen de armen wat extra voedsel toegestopt om de lange winter door te komen. Naast Sint Maarten waren ook Driekoningen en Sinterklaas bedelfeesten in de wintermaanden. Sint Maarten was dus vooral een feest voor de armen.

Pas aan het begin van de 20e eeuw begonnen ook rijkere mensen Sint Maarten te vieren. Rijken hadden zich lange tijd te goed gevoeld voor de bedel-praktijken van Sint Maarten. Maar in het begin van de 20e eeuw werd de Sint Maarten-traditie gezien als nationaal cultuurgoed. Kinderen werden voortaan met zelfgemaakte lampionnen langs de deur gestuurd om te ‘bedelen’ om snoep. Een bedelfeest voor kinderen in plaats van voor armen!

Categorieën: Kunst nieuws

Wie waren de kunstenaars van de Eerste Wereldoorlog?

Kunst nieuws - do, 08/11/2018 - 10:00

Deze week is het 100 jaar geleden dat er een einde kwam aan de Eerste Wereldoorlog. De zware loopgraven oorlog hield Europa vijf jaar in zijn greep en miljoenen mensen kwamen om het leven. De verschrikkingen van de oorlog werden vastgelegd door kunstenaars om iedereen te laten zien hoe heftig het slagveld was geweest. We zetten de vijf belangrijkste oorlogskunstenaars op een rijtje.

In de Eerste Wereldoorlog was er nauwelijks fotografie en film. Kunstenaars waren daarom een belangrijk middel om de oorlog zichtbaar te maken. Ieder land stelde oorlogskunstenaars aan die aan het front verbleven om tekeningen en schilderijen te maken. Veel jonge kunstenaars werden bovendien opgeroepen als soldaat en moesten zelf meevechten in de vreselijke oorlog. Zij maakten vaak bij terugkomst confronterende schilderijen om hun trauma’s te verwerken.

William Orpen
In het kader van het War-Artist-Project werd William Orpen door de Engelse regering aangesteld als officiële oorlogsschilder. Hij maakte portretten van officieren en legde de ondertekening van de Vrede in Versailles vast op doek. Maar zijn meest indrukwekkende schilderijen zijn de gruwelijke taferelen in de loopgraven die hij zag tijdens zijn reis naar het front in 1917. In totaal maakte hij ruim 140 werken voor de Britse overheid. Ook na de Eerste Wereldoorlog bleef hij oorlogstaferelen schilderen.

John Singer Sargent – Gassed

John Singer Sargent
John Singer Sargent was al een gevierd kunstschilder, toen hij in 1918 werd gevraagd door het Britse ministerie van Informatie om enkele schilderijen te maken over de Eerste Wereldoorlog. Zijn doek ‘Gassed’ maakte hij voor de ‘Hall of Remembrance’, een kunstproject ter herinnering aan de slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog. Ondanks dat de daadwerkelijke ‘hall’ uiteindelijk niet werd gebouwd, zijn er 16 werken gemaakt die tegenwoordig deel uit maken van de collectie van het Imperial War Museum in Londen.

Paul Nash
De eerste keer dat Paul Nash aan het front kwam, was als soldaat in dienst van het Britse leger. Als luitenant raakte hij in 1917 gewond in de buurt bij Ieper en keerde hij terug naar Engeland. Enkele dagen later werd bijna zijn gehele regiment gedood. Nash voelde dat hij veel geluk had gehad. Later keerde hij 50 dagen terug aan het West-front als kunstschilder. Zijn ruwe schilderijen waren de eerste oorlogsschilderijen die na de oorlog veel bekendheid kregen. In de Tweede Wereldoorlog zou Nash opnieuw naar het front gaan om de oorlog te schilderen.

Otto Dix – de Oorlog

Otto Dix
Otto Dix was één van de vele Duitse kunstenaars die zich enthousiast meldde als soldaat bij het uitbreken van de oorlog. Als soldaat was in 1916 bij de beroemde slag aan de Somme en later diende hij aan het Russische oostfront. In tegenstelling tot veel andere Duitse kunstenaars overleefde Dix de oorlog. Pas in de jaren na de heftige oorlog kon Dix zijn ervaringen omzetten in kunst. Hij schilderde een beroemd triptiek dat de gruwelen van de Eerste Wereldoorlog herdenkt. Ook maakte hij 50 prenten in zwart-wit over de oorlog. In de grauwe oorlog van Dix was geen ruimte voor kleur.

Wyndham Lewis
Naast Britten, Fransen en Duitsers waren veel andere nationaliteiten betrokken bij de Eerste Wereldoorlog. De Canadees Wyndham Lewis werkte bij Ieper in een van de uitkijkposten. Vanaf december 1917 werd hij ook ingehuurd als oorlogskunstenaar door de regeringen van Canada en Engeland. Ook Wyndham Lewis maakte een schilderij voor de Engelse ‘Hall of Remembrance’.

Zij kwamen niet meer terug
In de strijd van de Eerste Wereldoorlog vielen 16 miljoen slachtoffers, onder hen ook kunstenaars. Franz Marc en August Macke, beide voorgangers van het Duitse expressionisme, kwamen om in de loopgraven aan het west-front. Ook de Italiaanse futurist Umberto Boccioni en de Franse beeldhouwer Raymond Duchamp-Villon keerde niet terug van de strijdvelden. Belangrijke kunststromingen verloren hiermee belangrijke mensen.

Na de oorlog zaten veel mensen niet meer te wachten op het modernisme van de avant-garde kunstenaars. De oorlog liet zien wat de technische vooruitgang, gepropageerd door het futurisme, allemaal kapot kon maken. Mensen hadden weer behoefte aan meer realistische kunst, waarin veel aandacht was voor het lijden van de mens (zie o.a. de recente tentoonstelling in het Folkwang Museum). De Eerste Wereldoorlog betekende daarmee het einde van het futurisme en het expressionisme.

Categorieën: Kunst nieuws

Wie was de uitvinder van de Olieverf?

Kunst nieuws - ma, 05/11/2018 - 10:00

Giorgio Vasari beschrijft in zijn boek Vite dat Jan van Eyck de uitvinder is van de olieverf. Eeuwenlang werd dit door historici geloofd. Maar de afgelopen jaren werden zelfs al sporen van olieverf in duizend jaar oude grottekeningen aangetroffen. Vasari had dus ongelijk!

In de Middeleeuwen werkten kunstschilders meestal met tempera-verf, waarbij pigmenten werden gemaakt met eigeel als bindmiddel. Het resultaat was een vrij matte verf, die bovendien snel droogde en hierdoor niet geschikt was om kleuren in elkaar te laten overlopen. Om meer realistische schilderijen te kunnen maken, was er dus dringend behoefte aan een beter alternatief voor tempera.

Jan van Eyck: Meester van de Olieverf
De eerste kunstschilder die op grote schaal olieverf ging gebruiken als alternatief voor tempera was Jan van Eyck. Van Eyck ontdekte dat lijnzaadolie hem nieuwe mogelijkheden bood om de verf in hele dunne laagjes aan te brengen. Olieverf bestaat uit drie componenten: olie, terpentijn en pigment. Door het pigment erg te verdunnen kunnen de onderliggende lagen doorschijnen.

In Portret van een Man (mogelijk een zelfportret) lijkt de huid hierdoor levensecht. De man kijkt je aan alsof je een verstandhouding met hem hebt. Jij en hij begrijpen elkaar. Door de realistische schildertechniek van Jan van Eyck voel je je persoonlijk aangesproken. Dit portret is geen plaatje, maar een vriend.

Mythe Ontkracht
De nieuwe schildertechniek van Jan van Eyck werd al snel overgenomen door andere Vlaamse meesters zoals Rogier van der Weyden en Hans Memling. Dankzij Antonello da Messina kwam de olieverf ook naar Italië, waar hij onder meer gebruikt werd door Leonardo da Vinci. Het leidde ertoe dat Giorgio Vasari dacht dat olieverf door Jan van Eyck was uitgevonden. Maar dit is niet waar.

Al in 12e eeuwse geschriften van Theophilus (‘Over verschillende kunsten’, 1125) staat een recept voor het maken van olieverf. Ook zijn er in kerken in Zweden Middeleeuwse beelden die al met olieverf geschilderd zijn. In een Noorse kerk in Tingelstad is een 13e eeuw altaarstuk dat geschilderd werd met olieverf. Ondanks dat de schilderingen primitief zijn, laat het zien dat olieverf in Scandinavië al werd gebruikt.

Tingelstad Altaar

Olieverf of niet?
Enkele jaren geleden werden er in een grot in Afghanistan schilderingen gevonden waarin walnootolie werd gebruikt. De verf werd gedateerd op 650 voor Christus en zou dus de oudste olieverf ter wereld zijn. In het mengsel zaten echter allerlei bindmiddelen waaronder was. In hoeverre olie uiteindelijk heeft bijgedragen aan de compositie van de verf is niet meer te achterhalen. Zeker is dat dit type van gemixte verf weinig te maken heeft met olieverf zoals we die nu kennen.

Wie de uiteindelijke uitvinder is geweest van de olieverf is dus niet meer te achterhalen. Maar waarschijnlijk ligt de oorsprong van olieverf in Scandinavië, waar het een middel was om kerken te decoreren. In deze Middeleeuwse kunstwerken werd nog niet gebruikt gemaakt van de dunne laagjes verf zoals Jan van Eyck deed. Van Eyck heeft het gebruik van olieverf dus vooral geperfectioneerd en gebruikt voor meer realisme in de schilderkunst.

Categorieën: Kunst nieuws

Kunstkalender November 2018 – Rembrandt, Armando & Sluijters

Kunst nieuws - do, 01/11/2018 - 10:00

Het najaar van 2018 zit bomvol met mooie tentoonstellingen. De Nederlandse musea hebben hun best gedaan om van 2018 een topjaar te maken. //Vensters zet voor u de hoogtepunten van november op een rijtje. 

Iedere maand brengt //Vensters kunstmagazine een overzicht van de hoogtepunten uit de kunstwereld. Laat je meenemen op reis langs tentoonstellingen, televisieprogramma’s en het internet.

//Vensters’ keuze uit de tentoonstellingen die openen deze maand:

Armando
Vanaf 3 november in Museum Voorlinden, Wassenaar
Voorlinden had een overzichtstentoonstelling van Armando gepland in het voorjaar van 2019. Deze show zou in het teken staan van zijn negentigste verjaardag. Op 1 juli jl. overleed Armando (1929-2018) te Potsdam (Duitsland) en daarom zal het geplande retrospectief nu al te zien zijn. Armando is één van de belangrijkste naoorlogse kunstenaars van Europa. Decennia lang werkte Armando aan zijn zeer persoonlijke en veelzijdige beeldende en literaire oeuvre. Zijn handschrift is expressief, zijn schilderijen pasteus en zijn sculpturen met veel kracht opgebouwd. De kunstenaar is naast beeldend kunstenaar en schrijver bekend geworden als dichter, violist, acteur, journalist, film-, televisie- en theatermaker.

Ann Veronica Janssens
Vanaf 10 november 2018 in Museum de Pont, Tilburg 
“Bewustzijnsverruimend”, “grensoverschrijdend”, “er is geen begin, geen midden en geen eind”. Het zijn maar een paar van de beschrijvingen die vallen als er wordt gepraat over het werk van Ann Veronica Janssens. Het zijn niet enkel bejubelingen, maar ook observaties. Want hoe stel je grenzen aan een werk dat geen vorm heeft? Dat voor meer dan de helft tot stand komt in het bewustzijn van de kijker? Vanuit een fascinatie voor ruimte was Janssens bijna architect geworden. Om te experimenteren met ruimte, te werken met licht. Maar ze vindt in de studie architectuur niet wat ze zoekt. Sindsdien werkt ze op haar eigen manier, gaat ze op zoek naar haar eigen vormentaal. En breekt ze vooral uit de ruimte, op zoek naar een vormeloze, ontastbare ervaring. Zo creëert ze een kamer vol dichte mist waarin de bezoeker alle gevoel voor oriëntatie verliest. Of ze vult een kamer met zo’n groot geluid dat het gebouw zelf erdoor tot leven lijkt te komen (in ‘Begin the Beguine’).

Vrome vaderlanders – Werk, bid & bewonder
Vanaf 11 november in het Dordrechts Museum, Dordrecht
De Nederlandse politieke elite bestond vanaf de 17de eeuw – de Gouden Eeuw – uit calvinisten.  Hun rijkdom en maatschappelijke status etaleerden ze met grote huizen, chique interieurs én fraaie kunst. Maar kunst en calvinisme; gaat dat wel samen? Calvinisme wordt immers geassocieerd met sober, streng en spaarzaam. En kunst met rijkdom en luxe. Maar wat was de werkelijke relatie van calvinisten tot kunst? In Werk, bid & bewonder worden clichés over kunst en calvinisme ontrafeld en enkele hardnekkige mythes ontkracht. De tentoonstelling laat de relatie tussen calvinisme en kunst in een brede context zien. Ook literatuur, muziek en kerkarchitectuur komen namelijk aan bod, in de vorm van (kunst)objecten, maar ook in videoportretten met onder meer architect Francien Houben, zanger Ernst Daniël Smid en cabaretier Freek de Jonge. Bewonder het werk van schilders van de 17de tot begin 20ste eeuw, zoals Ferdinand Bol, Rembrandt van Rijn, Vincent van Gogh, Theo van Doesburg en Piet Mondriaan. Foto- & videokunstenaar Ahmet Polat zorgt voor een hedendaagse vertaling van het begrip calvinisme in onze huidige samenleving.

Jan Sluijters – de Wilde Jaren
Vanaf 17 november in het Noordbrabants Museum, Den Bosch
Jan Sluijters (1881-1957) is – samen met Jheronimus Bosch en Vincent van Gogh – een van de drie uit Brabant afkomstige ‘kernkunstenaars’ waaraan Het Noordbrabants Museum met regelmaat aandacht besteedt. Deze grote najaarstentoonstelling Jan Sluijters. De wilde jaren laat zien hoe de kunstenaar als jongeman in Parijs kennis maakte met de avant-garde kunst uit die periode. Ongeveer 15 jaar lang experimenteert Sluijters met bijna alle nieuwe kunststromingen die hij in Parijs leerde kennen dat blijkt essentieel voor zijn kunstenaarschap. Het Noordbrabants Museum toont naast het werk van Sluijters ook enkele kunstwerken van zijn inspiratiebronnen en gelijkgestemden als Kees van Dongen, Georges Braque en Leo Gestel. Daarmee wordt het vroegere werk van Sluijters in de context van de nationale en internationale moderne kunst geplaatst.

Rembrandt en Saskia
Vanaf 24 november in het Fries Museum, Leeuwarden
Frieslands meest beroemde bruidspaar ooit vormt de rode draad in Rembrandt & Saskia: Liefde in de Gouden Eeuw. Aan de hand van het koppel ontdekt de bezoeker hoe het er aan toeging in een societyhuwelijk tijdens de zeventiende eeuw. Van de eerste hofmakerij, sprookjesachtige bruiloften en het stichten van een gezin tot de donkere kanten van het huwelijk zoals kindersterfte en overspel. Huwelijksportretten, intieme schetsen en persoonlijke voorwerpen vertellen hoe lief en leed gedeeld werd in de Gouden Eeuw.

Aanraders op TV en in de bioscoop komende maand:

De Blauwe Hond (AVROTROS)
Vanaf zondag 18 november wekelijks om 18h40 op NPO3
Schilder en verhalenverteller Jasper Krabbé duikt iedere aflevering met een andere bevriende kunstenaar in een bijzonder onderwerp in de kunst. Wat is de rol van honden in de kunst? Of van licht? Of naakt? en zijn zelfportretten de selfies van de Gouden Eeuw? Samen gaan ze op zoek naar inspiratie en en maken vervolgens hun eigen kunstwerken.

Klimt & Schiele – Eros and Psyche
Vanaf vrijdag 22 november in de Belgische bioscoop
1918. Nu het gebulder van de kanonnen van WOI uitdooft, komt in Wenen, het hart van Midden-Europa, een gouden tijdperk tot zijn einde. Het Oostenrijks-Hongaarse Rijk begint uit elkaar te vallen. In de nacht van 31 oktober sterft Egon Schiele thuis in bed, een van de 20 miljoen dodelijke gevallen van de Spaanse griep. Een paar maanden eerder was zijn leraar en vriend Gustav Klimt overleden. Vanaf het begin van de eeuw had hij een heel nieuw kunstgevoel in het leven geroepen, uitgedragen door de door hem opgerichte groep: de Secession. De documentairefilm Klimt & Schiele – Eros and Psyche vertelt uitvoerig over deze bijzondere periode: een magisch moment voor de kunst, literatuur en muziek, toen tal van nieuwe inzichten ontstonden, Freud de beweegredenen van de psyché ontdekte en vrouwen hun onafhankelijkheid begonnen op te eisen.

Close Up: Louvre Abu Dhabi (AVROTROS)
Donderdag 29 november om 23h00 op NPO2
Deze documentaire vertelt het culturele avontuur van de bouw van het Louvre Abu Dhabi Museum. We zijn achter de schermen bij de creatie van het museum ontworpen door architect Jean Nouvel. Bezoekers zullen ontdekken hoe dit architecturale concept, dat speelt met de relatie tussen interieur en exterieur, traditie met moderniteit samenbrengt en culturen met elkaar verbindt. De vele culturele verschillen die een uitdaging vormden bij de bouw komen aan bod.

//Vensters leest graag bij collega-schrijvers om op de hoogte te blijven van het kunstnieuws en achtergronden. Dit waren de hoogtepunten van afgelopen maand:

MuseumTV: Jort Kelder neemt je mee naar de late impressionisten
https://www.museumtv.nl/video/mini-docu-laatste-impressionisten-en-plein-air/
Video over de tentoonstelling de Laatste Impressionisten in het Singer Laren.

Art Attack: Beleef de Kus van Gustav Klimt in virtual reality [EN]
https://www.youtube.com/watch?v=ocyuj_SbbxI
In het jaar waarin Klimt’s dood 100 jaar geleden is, maakt een virtual reality kunstenaar de kus in 3D.

November 2018
1 november: Allerheiligen – katholieke feestdag
8 november: Einde van Eerste Wereldoorlog – 100 jaar geleden
11 november: St. Maarten– katholieke herdenking
11 november: Eduard Vuillard – 150 jaar geleden geboren
13 november: Synode van Dordrecht – 400 jaar geleden

 

Categorieën: Kunst nieuws

Herfst: Wat zijn de mooiste wolkenluchten in de kunst?

Kunst nieuws - ma, 29/10/2018 - 10:00

Wie zegt dat Engelsen niet kunnen schilderen? De Engelse landschapschilder John Constable laat zien dat hij beter wolken kan schilderen dan wie dan ook. Nu buiten de dagen weer korter worden en wolken vaker te zien zijn dan de zon, gaat //Vensters op zoek naar de mooiste wolken uit de kunstgeschiedenis!

Eeuwenlang werd er gezegd dat Engelsen niet konden schilderen. Buitenlandse kunstenaars als Anthony van Dyck en Peter Lely werden naar Engeland gehaald om daar te werken. Maar de ommekeer kwam in de 18e eeuw toen een groep Engelse kunstschilders geïnspireerd raakten door de Nederlandse landschapskunst. William Turner, John Constable en andere schilderden weelderige landschappen, naar Nederlands voorbeeld.

Als land van water, regen en wind zou je zeggen dat in de Gouden Eeuw de Nederlandse landschapsschilders als Jan van Goyen en Jacob van Ruysdael goed waren in het afbeelden van de lucht. Maar John Constable was niet tevreden. Neem nou bijvoorbeeld de wolken op de schilderijen van de Nederlandse zeeschilder Willem van de Velde. Ze leken allemaal hetzelfde en niet levensecht.

 

John Constable – de Wolkenschilder
De Engelse kunstschilder John Constable besloot zichzelf daarom te specialiseren in het schilderen van wolken. In tientallen tekeningen en schilderijen toont hij stapelwolken, onweerswolken en sluierbewolking. Urenlang moet hij naar de lucht gekeken hebben om de vormen en kleuren van wolken te bekijken. Zoals Renaissance kunstenaars het lichaam bestudeerden, maakte Constable een studie van de lucht.

Kunstenaar David Hockney denkt Constable gebruik heeft gemaakt van allerlei hulpmiddelen om de wolken zo minutieus mogelijk te schilderen. Waarschijnlijk projecteerde hij met behulp van spiegels en lenzen de wolken op het doek. Ook las Constable wetenschappelijke literatuur waaronder het boek Researches About Atmospheric Phaenomena van Thomas Forster. Hierdoor is Constable misschien wel de meest levensechte wolkenschilder.

Engelse wolken
In de tijd van de wolkenstudies van John Constable raken meer Engelse kunstschilders geïnteresseerd in de kracht van de lucht. William Turner kiest bijvoorbeeld voor een meer expressieve benadering. Hij gebruikt donkere wolken om een onheilspellende sfeer te creëeren in zijn schilderij. Zijn doel is niet -zoals Constable- om een levensechte lucht te schilderen, Turner probeert emotie over te brengen.

Moderne wolkenluchten
Ook in de Moderne kunst zijn veel kunstenaars geïnteresseerd in de dynamiek van de wolkenlucht. Wie kent het niet, je ligt languit op gras en kijkt naar de lucht die constant in beweging is. Iedere seconde verandert het patroon van de wolken. Het is een leuk spel om hierin vormen te herkennen.

Juist dit spel van de bewegende wolken wordt gebruikt door James Turrell in zijn Skyspace-kamer in Museum Voorlinden. Je kan hier door een gat in het plafond naar de lucht kijken en ervaart de wolken op een heel andere manier. Ook Anish Kapoor laat je naar de lucht kijken. Kapoor gebruikt hiervoor vaak spiegelende objecten zoals het gigantische Cloud Gate in Chicago, of op kleinere schaal bij Museum De Pont in Tilburg.

Zelf wolken maken
Berndnaut Smilde gaat nog een stapje verder. In plaats van wolken te laten zien of reflecteren, creëert hij zelf wolken in een ruimte. Smilde’s wolken zijn tijdelijk en ontstaan door een precies samenspel van luchtvochtigheid, licht en temperatuur. Smilde’s wolekn gaan de hele wereld over en werden door Time uitgeroepen tot één van de beste uitvindingen van 2012. Wolken in de 21e eeuw worden niet bestudeerd en nageschilderd zoals John Constable deed. Nee, wolken worden gemaakt!

Categorieën: Kunst nieuws

Het Voorval – Armando en de Mythe nu in de bioscoop! (Win kaartjes!)

Kunst nieuws - za, 27/10/2018 - 10:00

Het Voorval – Armando en de mythe het verhaal van het allesbepalende voorval, dat centraal staat in de jeugd van Armando: tijdens de Tweede Wereldoorlog doodt een jongen in het bos een Duitse soldaat. Was Armando betrokken bij de noodlottige gebeurtenis of heeft hij een tragedie van mythologische proporties bedacht? 

Je leven wordt gevormd door wat er in je jeugd gebeurt, aldus kunstenaar Armando. Het verhaal over de moord op de Duitse soldaat komt in Armando’s werk in vele vormen terug; een noodlottig treffen, een slachtoffer die dader wordt, een schuldig bos dat alles zag maar zwijgt. Filmmakers Sjors Swierstra en Roelof Jan Minneboo gaan op zoek naar antwoorden.

Het begint aan de rand van een bos. Een jongen van een jaar of 15 trotseert de spertijd. Een Duitse soldaat houdt hem staande en voert hem mee naar Kamp Amersfoort. De jongen doet of hij struikelt en steekt de soldaat neer. De soldaat sterft, de jongen vlucht. Dit voorval, Hét Voorval, speelt een essentiële rol in het werk van schilder, schrijver, dichter, beeldhouwer, violist en theatermaker Armando. In interviews begint hij regelmatig zelf over het voorval, maar als er wordt doorgevraagd weert hij af. Dus blijven er vragen: was hij er zelf bij betrokken of heeft hij een universele tragedie bedacht, een eigen mythe, die als rode draad door zijn omvangrijke oeuvre loopt?

Het fenomeen
Armando, de knappe, charismatische man met de koude loerende ogen, heeft zijn fascinatie voor geweld nooit onder stoelen of banken gestoken. Hij cultiveert al sinds zijn eerste verschijning op het toneel van de kunst een gewelddadig imago. Hij laat zich portretteren met wapentuig en noemt zichzelf ‘het fenomeen Armando’: een misdadig sujet, een ‘geducht vuist, straat en messenvechter’. Vindt die fascinatie en het spel dat Armando ook op hoge leeftijd nog met zijn imago speelt, zijn oorsprong in het voorval?

Swierstra en Minneboo, al lang geïntrigeerd door de mens Armando en diens knarsende oeuvre, kruipen naarmate de film vordert steeds dichter op de huid van de kunstenaar. De filmmakers confronteren Armando met het mythische beeld dat hij van zichzelf heeft geschetst. De vragen over het voorval worden indringender, de camera zoomt in op zijn door ouderdom verweerde gelaat. Nog altijd fonkelen zijn loerende ogen. Armando geeft zich niet zomaar gewonnen, hij strijdt voor de autonomie van zijn kunstenaarschap. Wil Armando, nu het einde nadert, spreken over wat er voorviel in het bos?

De film volgt het laatste hoofdstuk in het leven en het werk van een van Nederlands belangrijkste naoorlogse kunstenaars. Het is een zoektocht naar de waarheid en een ode aan het mysterie. Swierstra en Minneboo laten zien dat kunstenaar en werk samenkomen in een fascinerend gesamtkunstwerk over trauma, schuld en herinnering

Win 2×2 bioscoopkaartjes voor Het Voorval – Armando en de Mythe!

Deelname aan de prijsvraag is helaas niet meer mogelijk! De winnaars hebben een bericht ontvangen.

Categorieën: Kunst nieuws

Herleef de Renaissance met de videokunst van Bill Viola

Kunst nieuws - do, 25/10/2018 - 09:00

In St. Paul’s Cathedral in Londen hangt een vierluik van de vier elementen: aarde, wind, vuur en water. In de Renaissance werden deze elementen gezien als de bouwstenen van het leven. De vier elementen in St. Pauls tonen vier andere bouwstenen: vertrouwen, lijden, overgave en doorzettingsvermogen. De moderne elementen van video-kunstenaar Bill Viola brengt de Renaissance naar de 21e eeuw!

Gemiddeld kijkt een museumbezoeker 20 seconden naar een schilderij en loopt weer verder. Hoe anders is dat bij de video’s van Bill Viola. Ik herinner me dat ik een donkere museumzaal minutenlang naar de slowmotion beelden van een ontmoeting tussen drie vrouwen heb gekeken. De films van Viola hebben een bijna hypnotiserende werking. Ze laten je de tijd vergeten.

Renaissance als inspiratie
De video waar ik naar keek was ‘the Greeting’ uit de collectie van Museum de Pont in Tilburg. Bill Viola liet zich voor dit werk inspireren door een schilderij van Renaissance kunstenaar Jacopo di Pontormo. Het is exemplarisch voor Viola’s videokunst. Viola begon zijn carrière in de jaren 70 waar hij in Florence werkte. Omgeven door de hoogtepunten uit de Renaissance-kunst vond hij hier genoeg inspiratie voor een leven videokunst.

Bill Viola laat je de Renaissance schilderijen op een totaal onder manier beleven door ze tot leven te wekken. Waar Pontormo in zijn schilderij een ontmoeting tussen Maria en Elisabet laat zien, heeft Viola ze vervangen door drie vrouwen. De ontmoeting is vertraagd gefilmd en in slow motion afgespeeld. Hierdoor zie je iedere beweging, iedere oogopslag, iedere emotie.

Emotie invoelen
De slow motion in de video’s van Bill Viola maakt je erg bewust van iedere beweging. Net zoals Renaissance-kunstenaars het lichaam bestudeerden en tekeningen maakten van bewegingen, maakt Bill Viola studies van mensen in zijn video’s. In Six heads laat hij een man verschillende emoties tonen. De verwrongen gezichten lijken in de vertraagde beelden grotesk.

Geen schilderij uit de Renaissance laat de wederopstanding van Jezus zo intens zien als de video Emergence van Bill Viola (geïnspireerd op een fresco van Masolino). Juist doordat de video’s van Bill Viola in slow-motion worden afgespeeld, krijgt iedere beweging waarde. Een kleine handbeweging die normaal niet zou opvallen, kan je nu duidelijk zien en lijkt bewust gekozen. Bill Viola maakt je hiermee bewust van je eigen kijkervaring. Het blijkt een gouden greep om emoties duidelijk zichtbaar te maken.

Quintet-series
In een serie van vier video’s die Bill Viola maakte rond het jaar 2000, zijn vijf mensen te zien die in een groepje bij elkaar staan. De personen lijken elkaar totaal te negeren en ieder hun eigen emoties te beleven. Het geeft een gevoel van afstand, van eenzaamheid. Opnieuw wordt dit versterkt door de slow motion weergave: een opname van 60 seconden wordt vertraagd tot 15 minuten.

Verdriet, liefde, blijdschap, verlangen en woede worden getoond in hun meest pure vorm. Bill Viola laat zien dat de thema’s uit de Renaissancekunst van alle tijden zijn. Zijn Quintet video’s zijn niet religieus, maar hebben dezelfde spirituele lading en emotionele betekenis. Zo is het ook bij Viola’s elementen in St. Pauls Cathedral. Hoewel het werk is opgehangen in een kerk, gaat het in essentie om de mens en zijn individuele beleving.

Categorieën: Kunst nieuws

Opkomst en Ondergang van het St. Lucasgilde

Kunst nieuws - di, 23/10/2018 - 09:00

Vandaag precies 200 jaar geleden werden per koninklijk besluit de gilden afschaft in Nederland. De gilden waren eeuwenlang als beroepsvereniging essentieel geweest voor de kwaliteitscontrole en opleiding van werklieden. Schilders waren verenigd in het St. Lucasgilde, vernoemd naar de evangelist St. Lucas. Het was een bonte verzameling van huisschilders, kunstschilders en andere kwastdragenden!

Het Sint-Lucasgilde was de beroepsvereniging van de schilders waar kennis en ervaring uitgewisseld werd. Pas na een goede opleiding en het afleveren van een meesterproef kon je als schilder worden toegelaten tot de vereniging. Alleen leden van het gilde kwamen in aanmerking voor de belangrijke opdrachten. Het was als kunstenaars dus belangrijk om gildelid te zijn.

Toch waren niet alleen kunstschilders, de zogenaamde fijnschilders, lid van de Sint Lucasgilden. Ook huisschilders (grofschilders) waren lid van de beroepsvereniging en dit leverde regelmatig conflicten op. De grofschilders hadden minder aanzien dan de fijnschilders.

Waarom was de gilde vernoemd naar Sint Lucas?
Het oudste gilde van schilders is de Antwerpse Lucasgilde dat werd opgericht in 1382. In Nederland was niet onverwacht Haarlem de eerste stad met een schildersgilde, opgericht in 1496. Al snel volgden ook Amsterdam, Delft, Den Haag, Utrecht en Leiden.

Het was gebruikelijke in deze tijd dat de gilden een beschermheilige hadden en vaak namen ze daarom ook de naam van een heilige aan. Zo was er het St. Jozefgilde voor de timmermannen en het St. Eligiusgilde voor de goud- en zilversmeden. Van evangelist St. Lucas werd gezegd dat hij ook tekenaar/schilder geweest is en daarom was het logisch om hem als beschermheilige te kiezen.

Welke kunstschilders waren gildemeesters?
In iedere stad werd de gilde geleid door een kleine groep voormannen, die ieder jaar wisselden. Bovenaan dit artikel is het bestuur van het Haarlemse St Lucasgilde uit 1675 te zien, met daarbij Jan de Bray (2e van links), de schilder van het doek. De functie van voorman was prestigieus en alleen voorbehouden aan een selecte groep schilders met aanzien. De voormannen werden gekozen door de leden. Het is bijvoorbeeld bekend dat Johannes Vermeer 4 maal voorman is geweest van het Gilde in Delft, in 1662/1663 en 1670/1671.

Steen op de Waag in Amsterdam

Waarom werden de gilden afschaft?
Na de bezetting van Nederland door Napoleon en de nieuwe ideeën die dit met zich meebracht, werd er steeds meer aan de macht van de gilden getoornd. De organisaties zouden de vrije handel belemmeren, doordat ze hun eigen leden teveel voordelen gunden en zo een monopolie creëerden. Om de economische groei van Nederland te bevorderen, werden de gilden daarom in 1818 afschaft.

Categorieën: Kunst nieuws

De Realiteit is Eenzaam in Museum Folkwang

Kunst nieuws - zo, 21/10/2018 - 09:00

Europa wilde terug naar normaal na het einde van de Eerste Wereldoorlog. Weg met het modernisme dat zoveel ellende had gebracht. Overal in Europa was de realistische kunst weer terug van weggeweest. In het Folkwang Museum in Essen zijn dit najaar de Italiaanse realistische kunstenaars van de jaren 20 te zien.

Voor de oorlog was heel Italië in de ban van het futurisme. Dynamische schilderijen vol kleur en beweging vierden de vooruitgang van de moderne tijd. Het Italiaanse futurisme zag in de technologische ontwikkelingen alleen maar voordelen. Hoe anders was dat enkele jaren later, toen de Eerste Wereldoorlog diepe wonden had geslagen in de Italiaanse samenleving. Soldaten keerden gewond terug van het strijdveld, als ze het überhaupt overleefden. De technische vooruitgang van de defensiemacht had meer slachtoffers gemaakt dan alle voorgaande oorlogen.

Giorgio di Chirico – Piazza d’Italia

Magisch Realisme
In deze tijd van berouw start de tentoonstelling ‘Umheimlich Real’ in het Folkwang Museum in Essen. Alle klassieke thema’s kwamen terug: van de architectuur van Giorgio di Chirico tot de portretten van Antonio Donghi. De Italiaanse kunstenaars zweerden het moderne futurisme en expressionisme af en kozen voor neoclassicisme en realisme.

Gino Severini was voor de Eerste Wereldoorlog nog één van de oprichters van het futurisme, maar ook hij keert na de oorlog terug tot het realisme. Dynamische kleurvlakken maken plaats voor schilderijen van clowns. De ironie spat van het doek. Na de oorlog is er niets te lachen. De clowns van Severini als symbool voor het menselijk onvermogen.

Cagnaccio di San Pietro – La Sera

Eenzaamheid
Wat opvalt in Museum Folkwang is dat de terugkeer naar het realisme gepaard lijkt te gaan met een enorme melancholie en eenzaamheid. Neem Gino Severini’s kaartspelers (onderaan deze pagina). De spelers zijn samen een spelletje aan het spelen, maar lijken ieder in hun eigen wereld.

Ook in Cagnaccio di San Pietro’s portret van twee oude dames is deze eenzaamheid het belangrijkste thema. De twee vrouwen zijn gekleed in het zwart en zitten onder een Maria-beeldje. Ze zijn in rouw, maar kunnen elkaar niet helpen. Zouden ze hun zonen in de oorlog zijn verloren? We kunnen het alleen maar raden.

Felice Casorati – Gli Scolari

Unheimlich Real
De tentoonstelling in het Folkwang Museum toont een vaak vergeten periode in kunstgeschiedenis. De ‘retour a l’orde’ was een Europees fenomeen waar ook de Nederlandse magisch realisten (Willink etc.) en de Duitse nieuwe zakelijkheid toe behoorde. Nu dit jaar het einde van de Eerste Wereldoorlog wordt herdacht, is het een goed moment om hier een tentoonstelling aan te wijden.

In Essen zijn Felice Casorati en Cagnaccio di San Pietro de belangrijkste kunstenaars. Namen die tegenwoordig bijna vergeten zijn. Umheimlich real is daarom een kennismaking met een generatie minder bekende Italiaanse kunstenaars. De werken ademenen melancholie en eenzaamheid en dat levert mooie schilderijen op. Maar eerlijk is eerlijk, ook wel een beetje saai…

Categorieën: Kunst nieuws

Hoe herken je de vier evangelisten?

Kunst nieuws - do, 18/10/2018 - 09:00

Marcus, Lucas, Johannes en Matteüs beschreven het levensverhaal van Jezus in de vier evangeliën. De evangelisten zijn misschien wel de meest afgebeelde heiligen in de kunstgeschiedenis. Je kan geen Rooms-Katholieke kerk binnenlopen zonder ze ergens tegen te komen. Hoe herken je de evangelisten bij jouw volgende kerkbezoek?

De kern van het Nieuwe Testament bestaat uit de vier evangeliën die werden geschreven door Johannes, Lucas, Marcus en Matteüs. Ze hadden het leven van Jezus van dichtbij meegemaakt en hebben de belangrijkste verhalen op schrift gezet. Johannes en Matteüs waren twee van de apostelen van Jezus. Over de precieze identiteit van Marcus en Lucas is veel discussie, maar duidelijk is dat zij in de tijd van Jezus geleefd moeten hebben.

Evangelisten in de Kerk
De vier evangelisten zijn erg belangrijk geweest in de verspreiding van het christelijke geloof en daarom nemen ze een prominente plaats in in de Rooms-Katholieke beeldcultuur. In vrijwel iedere kerk kom je afbeeldingen van de vier evangelisten tegen. Rondom de koepel van de St. Pieter in Rome zijn bijvoorbeeld in vier medallions de evangelisten afgebeeld.

Meestal zijn de vier evangelisten te herkennen doordat ze een boek bij zich hebben: het evangelie dat ze zelf geschreven hebben. Daarnaast heeft iedere evangelist zijn eigen symbool: Marcus een Leeuw, Lucas een Stier, Matteüs een Engel en Johannes een Adelaar.

Legendes
Volgens een legende zou Marcus met zijn vader eens een leeuw zijn tegengekomen in de woestijn. Zijn vader was bang en wilde wegrennen, maar Marcus verzekerde hem dat hun geloof in Jezus ze zou redden. Hij begon te bidden. Een wonder gebeurde want de leeuw viel dood neer. Sindsdien wordt Marcus geassocieerd met de leeuw.

Lucas benadrukte in zijn evangelie, dat Jezus werd geofferd als boetedoening voor de mensheid. Lucas wordt daarom afgebeeld met de stier, een traditioneel offerdier. Zowel de stier als de leeuw worden soms in de kunst met vleugels wordt afgebeeld. Dit is een verwijzing naar de profeet Ezichiël, de voorspelde dat iedere evangelist zou worden geholpen door een gevleugeld wezen.

De adelaar die Johannes met zich meedraagt is een een symbolische verwijzing naar het verhevene of het abstracte van zijn evangelie. Een enkele keer kan je Johannes ook zien met kelk en een slang. Volgens een legende dronk Johannes namelijk eens een kelk met gif om zijn geloof te bewijzen.

In het Bijbelboek Openbaring staan de vier gevleugelde dieren ook beschreven bij een visioen van de hemel: “Het eerste dier was een leeuw gelijk, en het tweede dier een kalf gelijk, en het derde dier had het aangezicht als een mens, en het vierde dier was een vliegenden arend gelijk.” Sint Matteüs wordt daarom vaak afgebeeld met het vierde gevleugelde wezen: een engel.

Moderne kerken
Ook in de Sagrada Familia, de kerk ontwerpen door Gaudi die al een eeuw in aanbouw is, hebben de evangelisten weer een prominente plaats gekregen. De kerk gaat een grote centrale toren hebben, die symbool staat voor Jezus. Hier omheen worden vier kleinere torens gebouwd, die verwijzen naar de vier evangelisten. Ook in het interieur zijn de evangelisten terug te vinden. In vier medallions staan de vier heiligen symbolisch afgebeeld, door middel van hun dieren met vleugels. Zo worden ook in de nieuwste generatie kerken de vier belangrijkste schrijvers van het nieuwe testament herdacht.

Het schilderij boven dit artikel is van Hendrick ter Brugghen en de vier schilderijen die zijn gebruikt voor profielen van de evangelisten zijn van Frans Hals.

Categorieën: Kunst nieuws